Producten
Over Shimano
Service
Nieuws & Evenementen
Dealers
Contact
Shimano Experience
Shimano Home  > Shimano Experience  > Willem Stolk  > Rovers van de rivier 3
Rovers van de rivier 3
Als vervolg op zijn twee artikelen in Dé Roofvis 32 en 33 over het vissen op de rovers van de rivier, beschrijft Willem Stolk nu de harde praktijk en licht hij bovendien een tipje op van de sluier op over een nieuw en goed vangend loodkopsysteem.
We schrijven maart 2003. De donkere, natte dagen liggen achter ons en het hoge water heeft zijn sporen zichtbaar achtergelaten. Hoewel er nog veel roofvissen op de diepe aangrenzende plassen verblijven, nemen we de proef op de som. We gaan de rivier op, ditmaal is de Rijn het decor. Het stroomt er redelijk tot hard, maar dat zien we graag, want zeker op de Rijn is een fikse stroming vaak goed.
De vraag is echter waar we moeten beginnen? We kiezen als eerste voor de diepere kribvakken die zich bevinden langs de buitenbochten van de rivier. Het water rondom de koppen van de kribben is hier ongeveer zeven meter diep. Mijn hengels zijn voorzien van gekleurde dyneema met een stalen onderlijn, want je weet maar nooit...
Ik kies positie tussen de koppen van de kribben. Snel pak ik mijn hengel en ik monteer een shad voorzien van een enkele staartdreg. De loodkop die ik gebruik, is 15 gram. Ik moet zeggen dat zo’n eerste worp altijd weer spannend is. Met de wind mee werp ik richting de kop van de krib en laat de shad langzaam zijn eerste contact met de bodem zoeken. De lijn valt slap en ik begin de shad langzaam binnen te vissen. Naast mij is Cris reeds begonnen. Ook hij heeft zijn hengel voorzien van rubber. We zeggen niet veel, het is nu tijd om te vissen. Cris heeft zijn shad tegen de andere krib gedeponeerd, die stroomafwaarts ligt. Na een tiental worpen hoor ik een soort zweepslag en de boot beweegt zelfs iets. “Hangen?”, vraag ik. De lijn staat echter niet strak. Een misser. “Een serieuze beet?” vraag ik weer aan Cris. “Mmmmm”, is zijn antwoord. Ik weet genoeg.
Cris controleert zijn shad en moet vaststellen dat er enkele ‘perforaties’ in zitten. Hij vist met een loodkop van 20 gram, 5 gram zwaarder dan ik en hij vist stroomafwaarts. Al snel ligt zijn shad weer in het water en staat Cris op scherp. Natuurlijk ben ik benieuwd of er meteen weer een aan gaat hangen. Helaas blijkt dat niet het geval.We vissen het kribvak zorgvuldig uit, maar het blijft bij een enkele aanbeet. We starten de motor en varen naar het volgende kribvak.

Niet elk kribvak is productief, maar in de buurt van een pont kunt u meestal wel actie verwachten.
Verandering van spijs
Beiden vissen we met verschillende shads en gewichten. Natuurlijk met als doel om zo snel mogelijk het ‘ei van Columbus’ te vinden. Het is nu eenmaal zo dat een bepaalde actie doorslaggevend kan zijn en als je dan met kunstaas met verschillende actie vist, kom je er wat sneller achter welk kunstaas dat is. Ik heb een geelgroene shad van Lunker City gemonteerd en werp deze in de uiterste hoek van de krib. Het is daar erg ondiep en de stroming zorgt ervoor dat de shad schuin richting bodem valt. De lijn valt slap en net voordat ik de shad wil optikken... bammm! Het is een harde aanbeet en de vinnige bewegingen onder water duiden op een baars. Na een korte, maar heftige dril komt er inderdaad een knap serieuze baars langszij. De kop is eraf.
Cris heeft altijd meer vertrouwen in zijn kunstaas dan ik. Dat wil zeggen dat hij langer met dezelfde shad kan blijven vissen. Cris mompelt dat hij twee tikken heeft gevoeld. We zitten dus in een kribvak met vis. Hij deponeert zijn shad, een Mullet van 4 inch, richting de kop van de krib, in de volle stroming. De shad wordt meegezogen door de hevige waterverplaatsing en Cris controleert zijn kunstaas met souplesse. Ik kan aan zijn blik zien dat hij er vertrouwen in heeft.
Tijdens het observeren word ik getuige van een snoeiharde dreun op de hengeltop, gevolgd door een ferme aanslag. “Dá’s een dikke!”, roept Cris. De hengel spreekt meer dan duizend woorden. Een enorme curve laat zien dat er onder water iets groots bezig is zich heftig te verzetten. Mijn stuurmankunst moet er zelfs aan te pas komen. De vis zwemt stroomopwaarts langs de stroomnaad. Cris laat de hengel en reel hun werk doen, maar geeft toe dat hij bang is de vis te verspelen. Ik manoeuvreer de boot zo dat hij vanaf de punt van de boot de vis kan uitdrillen en na enkele zinderende minuten komt er een prachtig ‘monument’ boven water. Cris is blij en ik net zo. De vis wordt snel onthaakt en ik schiet bijna een diarolletje vol met platen.
Dat het ene kribvak het andere niet, is moge duidelijk zijn. Toch denk ik dat de vis de rivier op en af trekt en zeer regelmatig in een kribvak duikt. Zit er voldoende eten, dan zal de roofvis er heus wel een nachtje of langer blijven, maar de praktijk leert ons dat telkens een ander kribvak ‘productief’ is. Dat er enkele kribvakken zijn waar we altijd wel iets vangen, zal ik evenwel niet ontkennen. Het zijn er echter maar een paar.
Stroomnaad
Helaas blijft het resultaat steken bij twee vissen in dit kribvak. We vissen nog zeker vijf kribvakken helemaal uit, maar zonder resultaat. We besluiten daarom van tactiek te veranderen en leggen de boot strak tegen een krib aan om vervolgens onze shads midden in de stroomnaad te plaatsen. Cris gebruikt nog steeds dezelfde shad, terwijl ik reeds acht varianten heb geprobeerd. Opnieuw verwissel ik mijn loodkop en kies voor 25 gram. Die vliegt met shad richting stroomnaad. Ik heb de boot zo gemanoeuvreerd dat de matige wind dwars op de lijn stuwt. De shad is er nu een van Spro die op een Fin-S lijkt. Na een aantal malen werpen krijg ik een aanbeet en ik sla... mis. Snel controleer ik mijn shad. Ik kan echter geen sporen van vergrijp ontdekken. Ik monteer hierna een dreg voorzien van een staaldraadje over de rug en prik deze in de staart. Het staaldraad dat ik gebruik om de dregjes mee te bevestigen, is echt goed spul. Ik heb me al te vaak vergist door louter nylon te gebruiken. Die snoeken ook!
Tevens plaats ik een dregje aan de zijkant aan de voorzijde van de shad, zodat die nu volledig ‘bewapend’ is. Er kan niets meer misgaan. Nadat ik wederom de shad midden in de stroomnaad heb geworpen, krijg ik weer een snelle felle aanbeet. Het is nu wel raak. De voorste dreg heeft zijn werk goed gedaan en een kleine snoekbaars is het resultaat. Cris heeft bijna gelijktijdig ook een snoekbaars gehaakt, maar helaas lost hij de vis. We vissen de stroomnaad daarom goed uit en vangen hier drie vissen.
We verkassen naar het volgende vak. Opnieuw vissen we de stroomnaad uit en vangen vrijwel direct twee vissen. Na een kwartier blijkt dat het hierbij blijft en verkassen we opnieuw.
Aasgedrag versus montages
Het lijkt erop dat de vis zich vandaag bevindt in en langs de stroomnaden. We vangen op deze plekken al onze vissen. Het verschil tussen de manier van vissen van Cris en die van mij wordt zichtbaar. Cris vangt wat minder en krijgt wat minder aanbeten. Het doorzetten van Cris levert wel bruikbare informatie op. Zijn ‘Mullet’ heeft een vrij stugge actie die de snoekbaars blijkbaar niet echt weet te inspireren. Hij wisselt daarom het laatste deel van onze visdag zijn shad om. Hij kiest voor dezelfde shad en hetzelfde loodgewicht als ik.
We vissen stug verder en Cris krijgt nu ook beduidend meer aanbeten en vangt ook meer vis. Natuurlijk blijft het altijd gissen, maar als we beiden met een andere shad hadden gevist, hadden we misschien nog meer gevangen. Feit blijft echter dat Cris wel de ‘vis’ van de dag heeft gevangen, een waar monument.
Om nog even terug te komen op het werpen en de wind, mag ik niet vergeten te vertellen dat we stroomafwaarts hebben gevist, dat we dus onze shads met de stroom mee binnen hebben gevist. De wind kwam van opzij en gaf hierdoor een wat zijdelingse actie aan het geheel. De shads gleden daardoor iets meer door in het water en de aanbeten waren erg goed te voelen. Door het gebruik van de gekleurde dyneema kon hetgeen er onder water met het kunstaas gebeurde ook uitstekend worden gevolgd.
Waarom?
Tijdens het opruimen nemen Cris en ik de ervaringen van de dag door. Het feit dat er toch al vis op de rivier zit, doet ons goed. Of deze vissen op de rivier afpaaien, blijft echter een groot vraagteken. We denken daarnaast dat de snoekbaarzen in en langs de stroomnaden huizen, omdat daar waarschijnlijk het meeste voedsel op dat moment is te vinden. De aanbeten die we kregen, waren doorgaans snoeihard. Wat opviel was dat we de meeste vissen haakten aan de zijdreg in de buurt van de jigkop. Daarnaast hebben we 17 beten gemist, iets wat we nauwkeurig bijhouden met behulp van een teller. Shads met een iets vinnige actie in combinatie met een 25-grams loodkop waren vandaag favoriet. Het binnenvissen door middel van het liften van de hengel zorgde voor de meeste vis en aanbeten. Deze actie is anders dan wanneer je de shad binnenvist door aan de molen te draaien (zie Dé Roofvis 33). Waarschijnlijk was nu het liften beter omdat de shad daardoor hoger in het water kwam en het langer duurde voordat de bodem werd bereikt. Daarnaast zijn we ervan overtuigd dat de zijwind ook enige invloed op de actie had.
In totaal vingen we 2 baarzen en 14 snoekbaarzen, maar ook hebben we 17 aanbeten gemist en dat was voor verbetering vatbaar. En juist door het relatief hoge aantal missers zijn we na deze dag druk bezig gegaan om dit te reduceren. Heel wat avonden en visdagen hebben we al experimenterend nu reeds achter de rug en de bevindingen zijn niet mis. We zijn in de afrondingsfase van een ‘nieuw’ systeem. Het is eenvoudig maar enorm succesvol.
Tipje van de sluier
We hebben dus iets bedacht dat het aantal missers met ongeveer 30% reduceert. Het is nu eenmaal zo dat we tijdens het snoekbaarzen regelmatig mis slaan. Tijdens diverse ‘droogvissessies’, dat wil zeggen thuis met m’n vismaten brainstormend, hebben we enkele voorbeelden van missers zichtbaar gemaakt. Als u de bijgevoegde tekening bekijkt, ziet u dat het heel goed mogelijk is om ‘mis’ te slaan. Als een snoekbaars de shad van voren grijpt en u slaat vervolgens aan, dan kunt u goed zien wat er kan gebeuren. Natuurlijk is het ook zo dat snoekbaarzen diverse aanvalstechnieken hebben; van voren, van achteren, zijdelings en zelfs van onderen. We bedachten daarom een dreg aan de voorzijde van de loodkop. Heel wat avonden hebben we in onze schuur doorgebracht om het juiste model te creëren en zijn daar uiteindelijk in geslaagd.
Een loodkop met een frontdreg! Ik hoor het al hele scharen snoekbaarsvissers van verbazing uitroepen. En ook dat je met de dreg aan de voorzijde veelvuldig komt vast te zitten. Het tegendeel is echter waar. De harde praktijk heeft namelijk uitgewezen dat we niet meer of minder vastzitten dan normaal.
Dat we tijdens het vissen en het maken van deze ‘frontdreg-loodkop’ wel een aantal zaken in acht moeten nemen, daar kom ik de volgende keer uitgebreid op terug. Ik zal aan de hand van duidelijke illustraties zichtbaar maken hoe een en ander werkt.

Willem Stolk
Corporate Cycling Fishing Other
© 2008 Shimano, Inc. ALL RIGHTS RESERVED